Woensdagmiddag 31 mei 2017 vond de ondertekening van de Amsterdamse Ontwikkelagenda herstel en
participatie 2017-2022 plaats.  Alle partijen bundelen de krachten om tot 30% meer herstel en participatie te komen voor psychisch kwetsbare Amsterdammers. De bijeenkomst betekent het einde van Taskforce EPA-Amsterdam. Zij bogen zich een jaar lang over het ‘EPA-vraagstuk’ met als resultaat de Ontwikkelagenda. De komende vijf jaar spannen Amsterdamse partijen zich onder regie van de gemeente Amsterdam in om deze agenda met elkaar te realiseren.
Kijk voor meer informatie hier: De Amsterdamse Ontwikkelagenda voor herstel en participatie 2017-2022

Historie
Resultaten vignettenstudie EPA Amsterdam
In augustus 2016 zijn de definitieve resultaten opgeleverd van de vignettenstudie EPA Amsterdam. EPA staat voor ernstige psychiatrische aandoeningen. De vignettenstudie is in Amsterdam uitgevoerd tussen augustus 2015 en augustus 2016 door Arkin, Cordaan, GGD Amsterdam, GGZ InGeest, HVO Querido en het Leger des Heils. Een eerste tussentijdse presentatie op 15 december 2015 heeft geleid tot de oprichting van de Taskforce EPA in 2016. De vignettenstudie brengt het aantal mensen met EPA in kaart en maakt een verdeling over negen vignetten op basis van de intensiteit en het type zorg en begeleiding dat zij ontvangen. Het beeld dat deze verdeling oplevert, wordt gebruikt om mensen met EPA in de komende jaren de juiste vorm en inhoud van formele en informele zorg, begeleiding en ondersteuning te bieden. Met als doel een hogere mate van herstel en participatie.

In totaal zijn data verzameld over 8.887 EPA-cliënten van 18-64 jaar en 1.580 cliënten van 65 jaar en ouder woonachtig in Amsterdam/Diemen. Data zijn verzameld over de periode van een jaar gedurende 2014 en 2015. De data zijn dus gebaseerd op de financieringsstructuren van voor 1 januari 2015. Naar verwachting zijn hierin inmiddels verschuivingen opgetreden. De vignettenstudie is dus een momentopname. Meegenomen in de studie zijn Zorgverzekeringswet, AWBZ en gemeentelijke financiering voor OGGZ. Dit is in lijn met andere studies die in het land zijn uitgevoerd. Thuiszorg en dagbesteding zijn, net als in andere studies, niet meegenomen. Vermoedelijk is een deel van de mensen die in de studie nog bij de Specialistische GGZ in zorg waren, inmiddels doorgestroomd naar de Basis GGZ. In Amsterdam is tevens de groep mensen met EPA van 65 jaar en ouder in beeld gebracht. Ook is een verfijning aangebracht op postcode. Hierdoor is het aantal mensen met EPA per wijk inzichtelijk gemaakt. Amsterdam heeft een relatief hoog percentage in vignet 0 (Bemoeizorg en zorgmijders). Ambities vanuit de Taskforce liggen onder andere op goede en snelle toeleiding van deze groep. De vignettenstudie geeft ook een beeld van de ketensamenwerking per vignet. Met name op vignet 4 (Ambulant zwaar) en vignet 0 (Bemoeizorg en zorgmijders) liggen mogelijkheden om de kwaliteit van zorg te verbeteren door andere of nieuwe samenwerkingsvormen.

De Taskforce EPA benut de resultaten van de vignettenstudie bij het invullen van haar doelstelling om 30% meer herstel te behalen voor mensen met EPA. Voor meer informatie kijk hier: Resultaten Vignettenstudie Amsterdam augustus 2016

Onderzoek naar (zorg)arrangementen
Noëlle van den Boom, student aan de VU, heeft zich tijdens haar onderzoeksstage bij Arkin gericht op een nadere definitie van (zorg)arrangementen. De Taskforce neemt de volgende aanbevelingen die volgden uit dit onderzoek mee:

1. Gebruik de term arrangementen in plaats van zorgarrangementen om misvattingen over de betekenis van het concept te voorkomen wanneer beiden termen door elkaar worden gebruikt.
2. Verken de betekenis van patiënt centraal en persoonlijke zorg en zorg op maat in de context van arrangementen en deel met elkaar concrete voorbeelden over hoe de patiënt centraal gesteld kan worden en hoe persoonlijke zorg en zorg op maat bereikt kan worden in de implementatie van arrangementen.
3. Bediscussieer met elkaar het concept van herstel en maak duidelijk wanneer personen met EPA als hersteld beschouwd worden en of deze personen werkelijk kunnen herstellen.
4. Definieer wat het concept regie precies betekent en maak duidelijk wanneer de regie daadwerkelijk bij de personen met EPA ligt. Bediscussieer ook hoe personen met EPA meer regie kunnen verkrijgen.
5. Besteed aandacht aan de locatie van de huizen die beschikbaar komen voor personen met EPA en voorkom dat huizen aangeboden worden in buurten zonder sociale cohesie.
6. Erken de bestaande restricties van onze bureaucratische maatschappij en ontwikkel een visie over in hoeverre een individueel persoonlijk arrangementen gestructureerd is.
Inmiddels werkt de Klankbordgroep MO/GGZ van Cliëntenbelang Amsterdam hierop verder: zij zijn op zoek naar factoren die van arrangementen daadwerkelijk herstelarrangementen maken.